
Als Wimie Wilhelm langs is geweest is niets meer hetzelfde. Dingen die heel gewoon lijken zijn besmet, van tafel geveegd of in ieder geval in een nieuw perspectief geplaatst. Rascomedienne Wimie laat zich niet leiden door de wetten van de goede smaak. Zij vertelt, mijmert en blaast: lichtvoetig stampend door de porseleinkast, met de nodige zelfspot.
Mannen van haar leeftijd, die hem na drie bier al niet meer omhoog krijgen en dan de volgende ochtend wel een beetje leuk gaan lopen doen tegen de katten.
Iemand die na een gesprek van vijf uur vraagt: "En waar is nu de echte Wimie?"
Waarom krijgt ze een 3-delige wokset van mensen die weten dat ze koken haat?!
Haar aversie tegen de angst van mensen om het anders te doen.
Dat het zo vermoeiend is dat iedereen opeens verse muntthee drinkt en veel te dure producten koopt in gezondheidswinkels.
Een voorstelling over het genot van het gallen, over de schoonheid van het woord. Over hoe verder te gaan na de dood van een dierbare.
Een lofzang op het leven, met de kont tegen de krib.